Werken aan je gezondheid is belangrijk. Niet alleen voor sporters maar voor iedereen. Gezondheid is over het algemeen iets wat we voor lief nemen wanneer er niks aan de hand is. Wanneer je “gezond” bent. Maar wat is de definitie van gezondheid? Er zijn meerdere (verouderde) definities online te vinden. Degene die ik het mooist vind passen is “het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven”. Deze definitie is van Hubert (2011) en gaat niet alleen uit van gezondheid in de zin van het uitblijven van ziekte maar van het functioneren van de mens en de kwaliteit van leven. Een meer holistisch beeld waarbij fysiek, mentaal en sociaal één geheel vormen.  En valt het kwartje al? Voeding is dé verbindende factor tussen deze drie componenten.

Voeding zorgt voor je fysiek. Ik heb het al vaker aangegeven maar ik geloof echt in het principe “je bent wat je eet”. Voeding zorgt voor celdeling, voor ons immuunsysteem, onze fitheid én energielevel. Voeding kan aangepast worden naar de behoefte van ons fysiek. Niet iedereen heeft hetzelfde nodig. Maar voeding kan ook aangepast worden aan wat wij letterlijk en figuurlijk vragen van ons lichaam. De energie om onszelf tot het uiterste te pushen tijdens een training, om vervolgens de juiste voedingsstoffen tot ons te nemen om het lichaam weer te herstellen.

Daarnaast is voeding ontzettend mentaal, zowel in positieve als in negatieve zin. Voedingsstoffen voeden niet alleen letterlijk ons lichaam maar ook ons brein. Ons brein heeft per dag zo’n 130 gram (minimaal) glucose nodig om goed te functioneren. Daarnaast zijn bepaalde vitamines en mineralen betrokken bij ons mentaal welzijn. Tekorten aan bijvoorbeeld vitamine D kunnen behoorlijk negatief uitpakken als het gaat om gemoedstoestand. Daarmee zorgt voeding dus voor ons brein. Maar voeding kan ook een negatieve impact hebben wanneer we te veel (obsessieve) controle willen hebben over voeding. Er ontstaat dan een potentiële ongezonde relatie met voeding.

Gelukkig kan voeding dus ontzettend goed vóór je mentale toestand werken op verschillende vlakken. Als eerste dus door het goed voeden van het lichaam en brein. Zo houden we ons energielevel hoog en hebben we het idee de hele wereld aan te kunnen. Want zeg nou zelf, wie de gehele dag de energie heeft om te werken, trainen én te doen wat je wilt, hoe heerlijk is dat!

Daarnaast is het belangrijk om een positieve kijk te hebben op voeding. Begrijpen waarom het lichaam voeden belangrijk is en hoe je dat doet, zorgt ervoor dat het ook leuk is om met voeding bezig te blijven. De ‘hoe’ en ‘wat’ beantwoord te krijgen is essentieel in het proces om aan je gezondheid te werken. Het stimuleert het maken van bepaalde keuzes en verrijkt je kijk op voeding. Door deze juiste keuzes consistent te kunnen maken, krijg je daadwerkelijk korte- en langetermijnresultaat op het gebied van gezondheid. De perfecte stimulans als je het mij vraagt!

Dat voeding ook een sociale factor is, hoef ik natuurlijk niet uit te leggen. Voeding verbindt. Voeding is er wanneer er iets te troosten of te vieren is of wanneer we om een andere reden met dierbaren tijd doorbrengen. Het meest tricky aspect van de sociale rol van voeding is dat het vaak geassocieerd wordt met snacken of “cheatmeals”. Maar dat is natuurlijk helemaal niet nodig! Want ook hiervoor geldt dat er zoveel lekkere en gezonde maaltijden en snacks te bereiden zijn waarbij je uren kunt tafelen (ook goed voor het mentale aspect want “good food = pure happiness”). Van voeding worden we blij!

Wie antwoord heeft op de vragen ‘wat’, ‘hoe’ en ‘waarom’ zal de drie pijlers van gezondheid met elkaar kunnen verbinden. Daarom is mijn tip om tijd te investeren om uit te zoeken hoe voeding voor je kan werken om het vervolgens in volle overtuiging te gaan ervaren.